Gedragscode Commissie Onderzoek naar Geweld in de Jeugdzorg

Deze hoofdrubriek bevat 5 rubrieken:

Gedragscode Commissie Onderzoek naar Geweld in de Jeugdzorg

In opdracht van het Ministerie van Veiligheid en Justitie en het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport heeft een commissie van wetenschappers onderzocht of onderzoek mogelijk is naar de vraag in hoeverre minderjarigen in rijksinstellingen en pleeggezinnen sinds 1945 met fysiek en psychisch geweld zijn geconfronteerd (*1). Deze commissie die werd geleid door prof. dr. Micha de Winter, heeft begin mei 2016 over haar bevindingen gerapporteerd (*2). Bij brief van 17 mei 2016 hebben de bewindslieden Van der Steur en Van Rijn namens het kabinet op het rapport gereageerd (*3). Op 7 november 2016 heeft dezelfde commissie opnieuw onder voorzitterschap van prof. dr. Micha de Winter van het kabinet de taakopdracht voor een hoofdonderzoek ontvangen (*4).

Indien de commissie in dit wetenschappelijk onderzoek gebruik maakt van persoonlijke informatie van slachtoffers, zullen altijd de van toepassing zijnde regels zoals neergelegd in de Wet Bescherming Persoonsgegevens worden nageleefd.

Versie: januari 2019

2. Opdracht (hoofd)onderzoek

Het kabinet heeft de commissie gevraagd om een beeld te schetsen van het fysiek en psychisch geweld waarmee minderjarigen die sinds 1945 door de overheid in rijksinstellingen en pleeggezinnen zijn geplaatst, te maken hebben gehad. In het hoofdonderzoek zijn daar bovendien nog aan toegevoegd: een afgebakende groep internaten voor dove- en blinde kinderen, jongeren in de jeugd ggz voor zover zij onder verantwoordelijkheid van de overheid zijn geplaatst en de alleenstaande minderjarige vreemdelingen (AMV’ers).

3. Samenstelling van de commissie

Met ingang van 1 juli 2016 tot mei 2019 zijn de volgende personen tot lid van de commissie benoemd:

a. prof. dr. M. de Winter, tevens voorzitter

b. prof. dr. mr. C.C.J.H. Bijleveld

c. prof. mr. drs. M.R. Bruning

d. prof. dr. J.J.H. Dekker

e. dr. G.T.M. Mooren

f. prof. dr. C.H.C.J. van Nijnatten

g. prof. dr. N.W. Slot

h. prof. dr. J. Hendriks (toegetreden tot de commissie per 1.1.2018)

4. Begripsbepaling

a. Persoonsgegevens: elk gegeven betreffende een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon, in dit geval gaat het om personen die hun (veelal) persoonlijke ervaringen met geweld in de jeugdzorg per post of mail hebben toegestuurd aan de commissie, of deze gegevens telefonisch hebben verstrekt waarna dit door de commissie is vastgelegd.

b. Verwerking van persoonsgegevens: elke handeling of elk geheel van handelingen met betrekking tot persoonsgegevens, waaronder bijvoorbeeld valt het vastleggen, bewaren, opvragen, gebruiken, en analyseren van persoonsgegevens.

c. Bestand: elk gestructureerd/geordend geheel van persoonsgegevens dat volgens bepaalde criteria is samengesteld en betrekking heeft op verschillende personen.

d. Verantwoordelijke: de commissie (verantwoordelijk voor het vaststellen van het doel en de middelen voor de verwerking van persoonsgegevens).

e. Opdrachtgever: de minister van Veiligheid en Justitie en de staatssecretaris van VWS hebben de commissie opdracht verleend tot het doen van onderzoek.

f. Inzender: alle personen die informatie over (veelal) persoonlijke ervaringen met geweldsincidenten per mail/post/telefoon verstrekken aan de commissie.

g. Bewerker: degene die in opdracht van de commissie de persoonsgegevens verwerkt. Dit betreft medewerkers van het secretariaat, ook kan het gaan om medewerkers van een onderzoeksorganisatie die belast is met (een deel van) het onderzoek. Het gaat daarbij (vooral) om universitaire en andere wetenschappelijke instellingen.

h. Toestemming van betrokkene: elke vrije, specifieke en op informatie berustende wilsuiting waarmee de betrokkene aanvaardt dat de hem betreffende persoonsgegevens worden verwerkt.

l. Onderzoek: elke vorm van kwantitatief en/of kwalitatief onderzoek met gebruikmaking van statistische of andere wetenschappelijke methodes waarmee wordt beoogd om over doelgroepen uitspraken te doen op niet-individueel identificeerbaar niveau.

5. Rechten van de betrokkene

Persoonlijke gegevens die inzenders per mail, post of per telefoon aan de commissie verstrekken, worden in een beveiligde omgeving bewaard. Inzenders kunnen een verzoek tot inzage in de eigen gegevens doen bij het secretariaat van de commissie per mail of per post. Op een zelfde manier kan een verzoek tot correctie en/of verwijdering van persoonlijke gegevens worden gedaan als de gegevens feitelijk onjuist zijn, onvolledig of niet ter zake dienend zijn. 3

Mailadres: info@commissiegeweldjeugdzorg.nl

Postadres: Commissie Onderzoek naar Geweld in de Jeugdzorg, Postbus 344, 2501 CH Den Haag

Adres website: www.commissiegeweldjeugdzorg.nl

Meldpunt: gesloten sinds 7 januari 2019

6. Uitvoering van het onderzoek

De commissie heeft onderzoek gedaan naar het voorkomen van geweld in de jeugdzorg in de periode 1945 tot heden. Dit onderzoek werd door verschillende partijen worden uitgevoerd, waaronder universiteiten en hogescholen. Deze partijen konden zo nodig gebruik maken van de gegevens en bestanden die in het bezit zijn van de commissie. De commissie blijft verantwoordelijk voor de gegevensbewerking en zal in dat licht met betrokken externe partijen bewerkersovereenkomsten sluiten waarin afspraken over de bewerking van gegevens worden vastgelegd.

7. Contact met slachtoffers

De commissie onderhoudt een website waar personen informatie kunnen vinden over de werkzaamheden van de commissie. Een telefonisch meldpunt voor slachtoffers was 8 november 2016 en 4 januari 2019 geopend op gezette tijden. Buiten de openingstijden van het meldpunt was het mogelijk om de commissie te bereiken via het contactformulier op de website, of via het postadres. Op de website (www.commissiegeweldjeugdzorg.nl) vindt u nog steeds het contactformulier en de contactgegevens (postadres) van de commissie. Op beide manieren is het mogelijk om persoonlijke berichten in te sturen. Op de website stond tot de sluiting van het meldpunt (7 januari 2019) een online vragenlijst die door personen die melding wilden doen bij de commissie kon worden ingevuld en ingestuurd.

8. Persoonlijke informatie slachtoffers

Contact met de commissie is mogelijk per post, via het contactformulier op de website.

Alle toegezonden informatie wordt door de commissie op vertrouwelijke wijze behandeld. Indien persoonsgegevens worden gebruikt voor het onderzoek, kan dit alleen met de uitdrukkelijke toestemming van de betrokkene. In dat geval heeft de commissie voorafgaand om toestemming van de betrokkene gevraagd. In het onderzoek zal de informatie in principe op anonieme basis worden verwerkt. Indien in het belang van het onderzoek herkenbare verwerking van de informatie gewenst is, dan werd hierop nadrukkelijk worden gewezen in het voorafgaande verzoek om toestemming.

Informatie zal niet worden gebruikt en/of verwerkt indien melders te kennen geven dat zij de commissie hiervoor geen toestemming geven. Er werden niet meer persoonsgegevens verzameld dan noodzakelijk voor het onderzoek. Persoonsgegevens worden niet voor andere doelen verwerkt dan de doelstelling van het onderzoek. Indien de commissie in dit wetenschappelijk onderzoek gebruik maakt van persoonlijke informatie van slachtoffers, zullen altijd de van toepassing zijnde regels zoals neergelegd in de Wet Bescherming Persoonsgegevens worden nageleefd. Onderzoekers tekenden daarnaast bij de aanvaarding van de opdracht een geheimhoudingsverklaring. Na afloop van het onderzoek zullen de persoonsgegevens weer door de onderzoekers aan de commissie worden geretourneerd en na uiterlijk vijf jaar na de opleverdatum van het rapport (1 januari 2024) worden vernietigd.

a. Toestemming voor het gebruik van persoonlijke informatie

Alle inzenders ontvingen in reactie op hun brief/mail een antwoord van de commissie waarin nadrukkelijk werd gewezen op de mogelijkheid om per ommegaande kenbaar te maken dat hij/zij geen toestemming geeft voor verder gebruik van de toegezonden informatie binnen het onderzoek. Indien inzender geen gebruik maakte van deze mogelijkheid en de commissie in de loop van het voor- en/of hoofdonderzoek gebruik wil maken van de haar toegezonden informatie, dan zal daarvoor alsnog eerst toestemming worden gevraagd (tenzij hiervoor bij eerder bericht al nadrukkelijk toestemming ontvangen/verkregen is van inzender). Indien de melder minderjarig is, dan is de toestemming van de wettelijk vertegenwoordiger(s) vereist. Personen die op enig moment te kennen geven dat zij geen toestemming (meer) geven voor het gebruik van hun persoonlijke gegevens, zullen verder niet door de commissie worden benaderd. Bij de commissie aanwezige persoonlijke informatie zal bij het intrekken van de toestemming worden verwijderd of vernietigd.

b. Vertrouwelijkheid persoonlijke informatie

Personen die bij het verwerken van persoonsgegevens betrokken zijn, zullen een geheimhoudingsverklaring ten aanzien van de betrokken persoonsgegevens ondertekenen. De rapportages van onderzoeken zullen geen gegevens bevatten die een individuele natuurlijke persoon kunnen identificeren.

9. Beveiliging

Alle toegezonden informatie wordt door de commissie op vertrouwelijke wijze behandeld en bewaard in een beveiligde omgeving. De commissie treft passende technische en organisatorische maatregelen om persoonsgegevens te beveiligen tegen verlies of tegen enige vorm van onrechtmatige verwerking. Mailwisseling vindt plaats via een beveiligde https-verbinding en de ontvangen mails en brieven worden in een afgesloten (kluis)kast en versleutelde (digitale) omgeving gearchiveerd die uitsluitend toegankelijk is voor medewerkers van het secretariaat van de commissie. Met deze maatregelen wordt beoogd een passend beveiligingsniveau te garanderen. De maatregelen zijn er mede op gericht onnodige, ongewenste verzameling en verdere verwerking van persoonsgegevens te voorkomen.

10. Bewaartermijn gegevens

Persoonsgegevens worden bewaard zolang dat noodzakelijk is gelet op de taak van de commissie en het doel van de verwerking en het niet in strijd is met de wet. Indien er toestemming wordt ontvangen van inzenders voor het gebruik van hun gegevens voor onderzoekdoeleinden, dan zullen de betreffende gegevens in ieder geval gedurende de loop van het onderzoek (tot mei 2019) worden bewaard. De gegevens van personen die hebben aan gegeven dat de door hen aangeleverde informatie niet binnen het onderzoek mag worden gebruikt, zullen worden vernietigd en niet binnen het onderzoek worden gebruikt. Na opheffing van de commissie worden de archiefbescheiden overgebracht naar het archief van het Ministerie van Veiligheid en Justitie Uiterlijk vijf jaar na opleverdatum van het rapport (mei 2024) zullen de archiefbescheiden worden vernietigd, tenzij er op dat moment zwaarwegende redenen zijn die opschorting van deze termijn noodzakelijk dan wel wenselijk maken. In dat geval zal de bewaartermijn worden verlengd en zal een nieuwe datum worden vastgesteld waarop vernietiging van de archiefbescheiden plaats zal vinden.

11. Rapportage

De commissie bracht op 12 juni 2019 een rapport uit aan de minister van Veiligheid en Justitie en de staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport over haar bevindingen.

12. Looptijd

De gedragscode loopt tot juni 2019 of zoveel langer als het onderzoek loopt.

* 1 t/m 4

*1 Brief van de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie en de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport aan de Tweede Kamer, 7 juli 2015, nr. 622653

*2 Rapport Commissie Vooronderzoek naar geweld in de Jeugdzorg, 17-5-2016 (zie: www.commissiegeweldjeugdzorg.nl)

*3 Tweede Kamer, vergaderjaar 2015–2016, 31 015, nr. 125

*4 Brief van de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie en de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport aan de Tweede Kamer, 7 november 2016 (Besluit instelling Commissie Onderzoek naar geweld in de jeugdzorg en jeugdhulp)